Tijdens Studio Café draagt een jonge schrijver een column voor n.a.v. een voorstelling die hij/zij heeft gezien. De columns zijn een initiatief van Theaters Tilburg en Tilt. Tilt moedigt schrijvers aan om zichzelf te ontwikkelen en te presenteren aan het publiek. Schrijvers tonen ons een nieuw perspectief op de wereld om ons heen.

Sara schreef deze column naar aanleiding van de voorstelling ‘De Suppoost’ van Freek de Jonge.

ZAAL, WACHT

Een beveiliger houdt niet de koopwaar in de gaten, maar richt zich op klanten met ruime broekzakken. Bij een voetbalwed- strijd staren stuards niet naar de bal maar naar de supporters. En een suppoost? Die staat dikwijls met zijn rug naar het kunstwerk, en met een geheven vinger naar de bezoeker. Niet flitsen, niet aanraken, niet schreeuwen. Want kunst houdt van stilte. Ik kan het weten want vandaag ben ik uw suppoost. Dus niet flitsen, niet aanraken, niet schreeuwen. Ik schrik snel.

Maak niet de vergissing dat ik veel van kunst weet. Nee. Ik weet wat waar hangt en tot hoe lang. Ik weet hoe te handelen als iemand zoutzuur spuit op olieverf, een vinger drukt op glas of per ongeluk gaat zitten op een driepotig bankje van papier- marché. Maar van Renaissances en details in houtsnijkunst weet ik niets. Niets! En hoe minder ik weet van kunst, hoe meer ik weet van de mens.

Zie daar: de Kunstenaars. Een man en een vrouw, de pensioen- gerechtigde leeftijd ver voorbij. Zijn haar wit, een matje in zijn nek. En het hare grijs, opgeknot met spelden, een plukje ont- snapt. Zes weken lang stallen zij hun leven uit in een expositie in het Noorden des Lands. Kostuums, beelden, schilderijen, foto’s, teksten. En dan dat kletsen. Dat eindeloze kletsen van die man. Met bezoekers, met zijn vrouw, met zichzelf als hij denkt even alleen te zijn maar in een museum ben je nooit alleen, altijd zit ergens in een hoekje een suppoost op een kruk of bij het raam of in een willekeurige deuropening, net als je het niet verwacht. En ik hoor alles. Het eindeloze kletsen, een stiekeme scheet, een kleine kus.

En zie daar: de Bezoekers. Opgewonden kinderstemmen kaatsen door de gangen en slaan terug in hun gezicht. Smartphones in de aanslag omdat de juf heeft verteld dat ze Freek gaan ontmoeten. Ze verwachten spinnen en slangen, leguanen en een langstaartmakaak. Maar daar in het stoffige museumlicht blijkt Freek Vonk zo jong niet meer. Op zijn hoofd een hoed met een veer. Hun smartphones zakken, gelijk aan het volume van hun stem, zachter dan zacht. In een museum krijg je nooit wat je verwacht.

Een suppoost ziet alles. Ook jou, vooral zie ik jou.

Zie daar: ik zie ze allemaal. Kunstenaars en kunstminnaars. Kunstminnaars en kunstmoordenaars. Kunstmoordenaars en kunstige woordenaars. Geschreven of geschreeuwd, zwevend of opgehangen aan draden in een volgorde die de woorden weer tot letters reduceert.

Een suppoost ziet alles. Ook jou, vooral zie ik jou.

Ik zie je als je haastig binnenkomt, je museumkaart vergeten bent maar toch een kaartje koopt. Ik zie je schuifelen langs de schilderijen en hoe je met je vinger een denkbeeldige lijn volgt naar de volgende zaal. Ik zie hoe je vergeet dat je nog bood- schappen moet, of ergens een kop koffie met iemand van lang gelee. Ik zie hoe de kleur van de kunst je hoofd binnendringt en jouw gedachtes verft in het felste blauw. Ik zie je.

En ik zie dat je bang bent. Bang dat je gelooft in iets dat niet bestaat, bang dat je te veel liefde geeft of te weinig, aan de verkeerde persoon of op het verkeerde moment. Bang voor de hoop die een teleurstelling blijkt, omdat sommige dingen nooit worden wat je wilde dat ze waren.

En ik weet dat we vaak twijfelen. Dat we twijfelen tot het zwart wordt voor onze ogen en onze harten onze keel uit kloppen, twijfelen tot het stoplicht drie keer op groen en weer op rood gesprongen is en we nog steeds niet weten of we nou links of rechts...

Ja. Ik weet dat je bang bent.
Maar ik zie je, ook als je bang bent en twijfelt. Juist als je bang bent en twijfelt. Omdat ik in jou mezelf herken, en dan voor even, heel even, wat minder alleen ben.

Sara.2013.thomasvd

Sara van Gennip (1987) schrijft moderne mythes waarin een duivels dilemma centraal staat. Af en toe wordt er heel symbolisch een biggetje in geslacht. Ze studeerde in 2012 af aan de schrijfopleiding van de HKU en filosofeerde daarna verder aan de UvT. Sara werd o.a. genomineerd voor de Dioraphte Cementprijs, de VPRO Bagagedrager, de Lowlands Schrijfwedstrijd en won in 2015 de Boekenweek Schrijfwedstrijd en in 2017 de Young Art Award A’dam. Theater schrijft ze in 2019 voor Kameroperahuis en Theater Bellevue. Verder treedt Sara veelvuldig op met korte verhalen op literaire podia en festivals zoals Lowlands, Oerol en de Parade.

Publicatie jaar
2019
Doel
Studio Café - Theaters Tilburg

Blijf op de hoogte

Schrijf je nu in voor de Tilt nieuwsbrief en blijf op de hoogte van Tilt events of lees prachtige verhalen van onze Tilt schrijvers op locatie.